De gerechtelijke procedure
Als een verzoeningsprocedure niets heeft opgeleverd of als een van de partijen niet verschenen is, zit er niets anders op dan een gerechtelijke procedure te starten. Er zijn drie manieren om een rechtsvordering (bijvoorbeeld de uithuiszetting) in te leiden: vrijwillig voor de vrederechter verschijnen, een verzoekschrift indienen en de tegenpartij dagvaarden.
Vrijwillig verschijnen
De partijen kunnen vrijwillig voor de vrederechter verschijnen. Deze procedure vermindert de gerechtskosten en maakt het de partijen mogelijk van bij aanvang hun posities duidelijk te omschrijven.
Een verzoekschrift indienen
Als de tegenpartij niet vrijwillig voor de vrederechter wil verschijnen, dan is de eenvoudigste oplossing om een verzoekschrift in te dienen. Bij deze procedure hoeft geen deurwaarder op te treden, zodat de kosten minder hoog zijn dan bij een dagvaarding.
De verzoeker dient het verzoekschrift in bij de griffie van het vredegerecht en vermeldt daarbij:
- de datum, maand en jaar
- de naam, voornaam, beroep en woonplaats van de verzoeker
- de naam, voornaam en woonplaats van de persoon tegen wie de vordering is ingesteld
- de vordering en de korte samenvatting van de middelen van de vordering (zoals de bepalingen van de huurovereenkomst)
- de handtekening van de verzoeker of van zijn advocaat
Bij het verzoekschrift moet de verzoeker bovendien een recent getuigschrift voegen van de woonplaats van de tegenpartij. Dit getuigschrift is verkrijgbaar bij het gemeentebestuur van de woonplaats van de tegenpartij.
De partijen ontvangen dan een brief die hen oproept om voor de vrederechter te verschijnen. Bij die brief zit ook een afschrift van het verzoekschrift.
Dagvaarding
Ten slotte is het ook mogelijk om de tegenpartij te laten dagvaarden door een gerechtsdeurwaarder. De verzoeker moet dan eerst de kosten van de betekening (officiële bekendmaking) aan de gerechtsdeurwaarder betalen. Wie niet vertrouwd is met de gerechtelijke procedure kan best eerst een advocaat consulteren. Ook bij een ingewikkeld juridisch probleem is dat aangewezen.