Arbeidsrechtbank
In elk van de Belgische gerechtelijke arrondissementen is er naast een algemene rechtbank van eerste aanleg en een rechtbank van koophandel ook een arbeidsrechtbank (ARB). De arbeidsrechtbank behandelt volgende zaken in eerste aanleg:
- Geschillen tussen werkgevers en werknemers (bijvoorbeeld individuele arbeidscontracten, arbeidsongevallen, arbeidsreglementen …)
- Geschillen in verband met sociale zekerheid (bijvoorbeeld pensioenen, werkloosheid …)
- Geschillen in verband met sociale bijstand (bijvoorbeeld sociale uitkeringen)
- Collectieve schuldenregeling (sinds 1 september 2007)
U kunt alle geschillen die de arbeidrechtbank behandelt terugvinden in het gerechtelijk wetboek vanaf artikel 578 tot en met 583.
Deze rechtbank is niet bevoegd voor feiten die onder het strafrecht vallen; die moeten voor de politierechtbank of de correctionele rechtbank worden gebracht.
Het bijzondere aan een arbeidsrechtbank is, dat naast de voorzitter – die een beroepsmagistraat is – er ook niet-professionele magistraten zetelen. Deze 'sociale rechters' of 'assessoren' zijn mensen van het terrein en komen uit vakbonden of werkgeversorganisaties.
Deze rechters in sociale zaken worden door de koning benoemd voor een termijn van vijf jaar. Sommigen daarvan zullen de werknemers (arbeiders en bedienden) vertegenwoordigen, anderen de werkgevers.
Het openbaar ministerie van de arbeidsrechtbank wordt ook wel het arbeidsauditoraat genoemd en de procureur heet in dit geval arbeidsauditeur.
Hoger beroep tegen een beslissing van de arbeidsrechtbank is mogelijk bij het arbeidshof, ongeacht het bedrag dat ermee gemoeid is.